HET VERLEDEN EN HEDEN VAN DE OUDSTE MIJNSTAD VAN NEDERLAND

Beeld: Willemijn Gigase

In Zuid-Limburg was de mijn, oftewel de koel, overal. Vooral in Kerkrade, de oudste mijnstad van Nederland, kunnen veel opa’s nog steeds herinneringen ophalen over kameraadschap en angst. De laatste tastbare herinneringen van deze oudere generaties staan op het punt om definitief over te gaan in de geschiedenis. Daarom is het noodzakelijk om terug te kijken naar wat ooit was en wat dat betekent voor de toekomst.


Beeld: Willemijn Gigase

Vandaag de dag lijkt de mijnbouw voorgoed verdwenen te zijn. De oude mijnstreek heet tegenwoordig geen mijnstreek meer, maar Parkstad Limburg. We zijn van groen naar zwart en weer teruggegaan. We hebben rigoureus afscheid genomen van materiële getuigenissen. Wie goed zoekt, vindt echter overal wel een monument of andere herinnering aan die onmisbare tijd. De mijnbouw is daardoor nog steeds een levend stuk uit het verleden. Toch zijn dit nieuwe eerbetonen in plaats van oude overblijfselen. In deze casus wordt gekeken naar de enorme betekenis die de steenkolenmijnbouw heeft gehad door te kijken naar de vier mijnen van Kerkrade. In deze oudste mijnstad van Nederland werd in de Middeleeuwen al steenkool gedolven. In de 19e eeuw groeide deze industrie uit tot de belangrijkste werkgever van de regio. In Kerkrade stonden vier van de negen particuliere mijnen. Namelijk de Domaniale mijn, mijn Laura, mijn Julia en mijn Willem-Sophia.


MIJN LAURA

1899 – 1968


Beeld: Willemijn Gigase
Beeld: Willemijn Gigase

Bovenstaand beeld is een oude foto van mijn Laura en mijn Julia. De particuliere mijn Laura en Vereeniging heeft de Hopel gesticht, een voormalige mijnwerkerskolonie. De steenkoolmijn Laura lag naast de wijk. De vele arbeiders, die uit het hele land en ook uit Oost-Europa werden gehaald, werden ondergebracht in deze huizen. 

Deze karakteristieke huizen, die in 1906 werden gebouwd, maakten van de Hopel de eerste mijnwerkerskolonie van Nederland. De 46 woningen blijven als mijnmonument behouden en bewoond.

Beeld: Willemijn Gigase

Beeld: Willemijn Gigase

Naast de Hopel herinnert de Laurastraat ook aan het mijnverleden. Hier liggen de versierde beambtenwoningen. Ook hier wonen nog steeds mensen. 

Het Lauradorp is een andere mijnkolonie, maar dan in de gemeente Landgraaf. Dit dorp ligt twee kilometer ten noorden van het mijnterrein van de Laura. Hier staat een prachtig en indrukwekkend monument dat het verhaal vertelt van het Lauradorp en zijn mijnwerkers.


MIJN JULIA

1926 – 1974

Beeld: Willemijn Gigase

Beeld: Willemijn Gigase
Beeld: Willemijn Gigase

In Eygelshoven, een dorp in de gemeente Kerkrade, wordt de mijntijd ook niet vergeten. Zo kunnen mensen bij de kerk van Eygelshoven nog steeds een prachtige gedenksteen zien staan, vergezeld van een oude mijnwagen uit de mijn Julia. Mijn Julia was een van de modernste mijnen van heel Europa. De kettingbanen op de losvloer waren nieuw en voor het ondergronds transport werd gebruik gemaakt van elektrische locomotieven. Het was al voor de komst van mijn Julia dat de bevolkingsaanwas, ten gevolge van de mijnindustrie, ervoor zorgde dat het oude kerkje te klein was geworden. De bouw van een nieuwe grote kerk werd noodzakelijk. Architecten Ritzen en Boosten bouwden voor het eerst in de geschiedenis een kerk zonder pilaren. De plechtige wijding van de kerk vond plaats in 1924.  

Beeld: Willemijn Gigase

MIJN WILLEM-SOPHIA

1902 – 1970


Beeld: Willemijn Gigase

Van deze mijn is vrijwel niets overgebleven. Het mijnterrein herinnert dan ook niet meer aan het verleden van deze steenkolenmijn. Bij de ingang staat nu alleen nog een monument. 

Op het terrein zelf is nu een sportcomplex met een kantine te vinden. Hiernaast ligt nog het mijnspoor dat het miljoenenlijntje wordt genoemd. Dit spoor dankt haar naam aan de (voor die tijd) extreem hoge aanlegkosten. Ze moesten letterlijk heuvels en dalen overwinnen. Dankzij dit spoor konden de gedolven kolen worden vervoerd. Tegenwoordig kunnen mensen nog steeds terug in de tijd door een dag mee te rijden. Zo kunnen, vooral mensen van boven de rivieren, deze prachtige omgeving en rijke geschiedenis proeven.


DOMANIALE MIJN 

1815 – 1969


Beeld: Willemijn Gigase
Beeld: Willemijn Gigase

De Domaniale mijn is de oudste steenkoolmijn van Nederland. Deze mijn kent dan ook een lange geschiedenis en is niet altijd in Nederlandse handen geweest. De Nullandschacht is in 1976 gerestaureerd en benoemd tot kenmerkend monument voor de mijnindustrie. Oud-koempels van deze mijn hebben de stichting ‘Koempels van de Domaniale’ opgericht. Zij hebben de schacht opgeknapt en ingericht als museum. Sinds 2013 kunnen mensen hier nog steeds rondleidingen volgen en de locatie wordt ook gebruikt als trouwlocatie. Hier is verreweg het meeste te vinden uit de tijd van de koempels in Kerkrade.

Beeld: Willemijn Gigase

DE MIJNWERKER

Beeld: Willemijn Gigase

Beeld: Paul Arnold
Beeld: Willemijn Gigase

De mijnwerkers. Oftewel de koempels, een naam die is afgeleid van het Duitse woord Kumpel dat oorspronkelijk vriend of maat betekent. Meer dan de helft van de Kerkraadse bevolking werkte meer dan 50 jaar geleden in de koel. Veel van deze mannen lopen nog steeds rond. Nog steeds groeien kinderen op met verhalen van opa’s die vertellen over de mijn, of van vaders die de verhalen op hun manier doorgeven en in leven houden. Deze koempels kunnen terugkijken naar de kameraadschap, maar ze herinneren zich vooral de angst die ze voelden als het hout weer eens kraakte. Toen de mijnen sloten leek vergeten en verder gaan het parool. Gaandeweg groeide toch het besef dat kennis van de geschiedenis bijdraagt aan inzicht in het heden.

Tastbare herinneringen van die tijd vervagen, maar door de jaren heen zijn er meerdere monumenten gekomen. Naast mijnwagentjes en herdenkingstenen staan de meeste monumenten in het teken van de koempels. Bij de ingang van de mijn Laura staat een mijnwerker ontworpen door de kunstenaar Leopold Janssen. Op het Carboonplein staat een andere mijnwerker, ontworpen door de Haagse kunstenaar Jan Hooreman, die zelf ook een mijnwerker was. Het bekendste standbeeld is d’r Joep, het Nederlandse nationale monument van de mijnwerkers. Dit monument heet eigenlijk ‘De Mijnwerker’, maar wordt in de volksmond d’r Joep genoemd. Sinds 1957 staat hij al op de markt in het centrum van Kerkrade. Zo luidt ook het carnavalslied:

“Op d’r maat sjteet d’r Joepemaan en waat op Vasteloavend…”

Met carnaval wordt d’r Joep dan ook traditioneel aangekleed in carnavalskleren.

Beeld: Willemijn Gigase
Beeld: Willemijn Gigase

Beeld: Willemijn Gigase

Naar zuurstof happend kan deze generatie tevreden en vol trots terugkijken. Hun harde werken heeft de weg vrijgemaakt voor hun kinderen en kleinkinderen. Om deze koempels te eren moeten wij hun verhalen in leven houden. Niet alleen vol nostalgie in het zuiden, maar ook in de rest van het land. Als dan ook de laatste mijnwerker ons verlaat kunnen wij ons gelukkig prijzen dat het verhaal van hem en zijn koempels niet verloren gaat.


Voor het eerst gepubliceerd op www.fotominor.nl

Geplaatst door

Benieuwd wat ik voor jou kan betekenen? Neem dan snel contact met mij op en wie weet drinken we binnenkort koffie!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s